Real Time News
for Human Resources Governance

PUBLICATIE : Aandelenopties bevorderen deugdelijk bestuur

Aandelenopties voor kaderleden zijn tegenwoordig niet erg populair. Eén van de vele redenen is dat de wet onzekerheid creëert, argumenteert compensation & benefits specialist Jean-Louis Davain in een zopas verschenen boek.

De wet van 1999 op de aandelenopties laat de rechtsgebruiker in het ongewisse over de randeffecten op het vlak van de vennootschapsbelasting, de bedrijfsvoorheffing en het arbeidsrecht. Bovendien houdt ze geen rekening met de nieuwe regelgeving op boekhoudkundig vlak, noch met de Belgische en internationale regels van corporate governance. Die complexiteit maakt dat aandelenopties HR-spitstechnologie zijn. Toch vindt de auteur, die verbonden is aan het advocatenbureau Loyens, dat aandelenopties nog lang niet afgeschreven zijn. Integendeel, oppert hij, zij verdienen een vernieuwde interesse vanwege alle betrokkenen, inbegrepen de HR-managers, omdat zij kunnen bijdragen tot een goede corporate governance. Aandelenopties vormen een relatief goedkoop instrument om het topmanagement voor perioden van vijf tot tien jaar aan het bedrijf te binden en ze te motiveren elk jaar opnieuw een sterk resultaat neer te zetten, zo schrijft Davain in “Aandelenopties: risico of buitenkans?”, uitgegeven bij Kluwer.

Forse premie voor vindingrijke personeelsleden

Op 1 januari 2006 treedt de wet op de innovatiepremie in werking. Het doel is werknemers ertoe aan te zetten met vernieuwende ideeën voor de dag te komen. Zij kunnen worden beloond met een belasting- en RSZ-vrije premie die fors kan oplopen. Het is een experiment. Na één jaar zal bekeken worden of men ermee doorgaat of niet. Naar aanleiding van deze wet heeft het VBO bij 200 ondernemingen een peiling gehouden. Iets minder dan de helft heeft een intern beleid om innovatie te stimuleren, maar dit beleid is recent en nog weinig gestructureerd. Welke middelen gebruiken deze ondernemingen om innoverende ideeën uit te lokken? 83 procent vermeldt de "algemene bedrijfscultuur", 28 procent heeft dit aspect ingebouwd in het HR-evaluatieproces, 22 procent werkt met een ideeënbus en 14 procent organiseert ideeënwedstrijden.

Beïnvloedt Brusselse fiscaliteit de inplanting van ondernemingen?

De Brusselse minister-president Charles Picqué heeft een studie voorgesteld, waarvan de conclusie luidt dat lokale fiscale regels geen betekenisvolle invloed hebben op het vestigingsbeleid van ondernemingen. Agoria Brussel laat een ander geluid horen. Op basis van wat Brusselse bedrijfsleiders verklaren, en in weerwil van wat universitaire onderzoekers beweren, is volgens Agoria Brussel de belastingdruk van doorslaggevend belang, in het bijzonder voor dienstenleveranciers.

Vergrijzing bedreigt Vlaanderen sterker dan Wallonië en Brussel

De verhouding tussen het aantal werkenden en het aantal niet-werkenden zal in Vlaanderen ongunstiger evolueren dan in Wallonië en Brussel. Dat komt doordat de veroudering van de bevolking niet volgens hetzelfde patroon verloopt in de drie gewesten.Nationale gemiddelden maskeren vaak regionale verschillen. Dat geldt ook wat de effecten betreft van de vergrijzing, zo blijkt uit een studie van de Administratie voor Planning en Statistiek van de Vlaamse Gemeenschap. Als de Vlamingen gemiddeld blijven stoppen met werken op hun 58ste, zoals thans, zullen er al in 2010 in Vlaanderen vijftigduizend mensen minder aan het werk zijn dan vandaag. Alleen een zeer snelle en spectaculaire verhoging van de werkzaamheidsgraad van de 55-plussers zou dat kunnen beletten, maar daar gelooft niemand nog in. Op langere termijn ziet het er nog slechter uit. Tegen 2030, het jaar waarin de baby's van vandaag de arbeidsmarkt betreden, zullen in Vlaanderen 300.000 actieven minder dan vandaag moeten instaan voor 200.000 niet-actieven meer dan vandaag. Wallonië en Brussel kunnen nog een hele poos blijven rekenen op een beter evenwicht tussen de uitstroom van oudere werkenden en de instroom van jongeren.

Nieuwe regels voor gezondheidstoezicht op stagiairs

Er zijn wijzigingen aangebracht aan het KB van 21 september 2004 over het toezicht op de gezondheid van jongeren die in het kader van hun studie stage lopen in een onderneming. De werkgever kan voortaan een beroep doen op de arbeidsgeneesheer van de onderwijsinstelling. Als hij dit doet, neemt de federale overheid de kosten voor haar rekening.

We use cookies on our website to support technical features that enhance your user experience.

We also use analytics & advertising services. To opt-out click for more information.